Betere zorg voor mensen met een licht verstandelijke beperking.

Waarom is het onderzoek belangrijk?

Mensen met een licht verstandelijke beperking hebben soms ernstige problemen.
Psychische problemen (je bent bv erg angstig of in de war) of gedragsproblemen (je bent bv veel boos of agressief). Cliënten lopen daardoor vast in hun leven, ontsporen en zijn ongelukkig. Ook familie en vrienden hebben dan vaak verdriet. Daarom is onderzoek hoe je die problemen het beste kunt aanpakken en voorkomen zo belangrijk.

Wat is het doel van het onderzoek?

Coping LVB doet onderzoek naar 3 verschillende manieren om de zorg voor mensen met een licht verstandelijke handicap en gedragsproblemen te verbeteren. Er wordt onderzoek gedaan naar een training die cliënten helpt minder gauw boos en opstandig te worden. Deze training heet Samen Stevig Staan. Bij het tweede onderzoek wordt gekeken of een training voor begeleiders ervoor zorgt dat ze beter om kunnen gaan met cliënten met ernstige problemen. Het derde onderzoek gaat over medicijnen. Veel cliënten met psychische problemen gebruiken medicijnen. Coping LVB onderzoekt of die medicijnen wel werken en of ze wel veilig zijn.

Hoe wordt het onderzoek uitgevoerd?

Cliënten die vaak gespannen, boos en agressief zijn hebben daar veel last van. Deze cliënten krijgen een speciale training. De mensen die meedoen gaan naar ongeveer 20 bijeenkomsten en leren hoe ze er zelf voor kunnen zorgen om minder snel boos te worden. Na die training wordt goed gekeken of het wel echt heeft geholpen. De begeleiders van mensen met een lichte verstandelijke beperking krijgen ook een training. Zij volgen een cursus van 2 dagen waarin ze leren hoe ze het beste met de cliënten kunnen omgaan in moeilijke situaties. Verder leren ze om meer na te denken over hoe ze werken en hoe ze omgaan met de cliënten. Bij het onderzoek naar medicijnen tegen psychische problemen gaan we veel lezen over hoe die medicijnen werken en of ze veilig zijn. Bij mensen die medicijnen gebruiken gaan wordt onderzocht of die wel echt helpen en of andere medicijnen misschien niet beter zijn. In dit onderzoek wordt gekeken of mensen minder medicijnen kunnen gebruiken. Sommige mensen gaan zich dan juist veel beter voelen.

Wat gaat er met de uitkomsten van het onderzoek gebeuren?

Van de resultaten van deze onderzoeken kunnen we veel leren. Als de training tegen boosheid echt heel veel mensen uit het onderzoek helpt, dan kunnen andere cliënten in Nederland met dezelfde problemen ook zo´n training volgen. En wanneer de begeleiders in het onderzoek na hun training beter gaan werken, kunnen de andere groepsleiders in Nederland daar van leren en cliënten beter begeleiden. Komen we verder uit het onderzoek te weten dat sommige medicijnen wel goed werken en andere niet, dan kunnen we cliënten veel sneller de goede medicijnen voorschrijven als ze die nodig hebben.

Hoe worden mensen met een verstandelijke beperking of hun ouders betrokken bij het onderzoek?

Bij de instellingen die meedoen aan het onderzoek verblijven heel veel cliënten die daar wonen of behandeld worden. Aan die mensen wordt gevraagd of ze mee willen denken over het onderzoek. Met de mensen die dat willen en leuk vinden, stellen we dan een paar groepen samen. Hier beginnen we natuurlijk al mee vóór het echte onderzoek van start gaat. We vragen dan aan de mensen in de groepen wat ze van het onderzoek vinden :
•    Vinden ze het onderzoek belangrijk.
•    Vinden ze dat het onderzoek goed is opgezet.
•    Vinden ze dat het onderzoek misschien anders of beter kan.
•    Waar moeten de onderzoekers echt op letten.
•    Is het onderzoek voor de cliënten niet te zwaar of te moeilijk.

Maar ook als we al met het onderzoek bezig zijn, zullen we natuurlijk regelmatig
vragen wat de mensen ervan vinden. Aan de cliënten die aan het onderzoek meedoen vragen we dan hoe het gaat, of ze het nog wel trekken. Ook vragen we of er misschien wat veranderd moet worden in het onderzoek.

Projectgroep en samenwerking

Heel veel instellingen waar mensen met een licht verstandelijke beperking wonen of behandeld worden doen mee. Ook de universiteiten van Utrecht en
Nijmegen helpen mee om het onderzoek zo goed mogelijk uit te voeren. De Borg (hierin werken alle 5 nederlandse sglvg* behandelcentra samen),  LKC-LVG (hierin werken alle lvg* instellingen samen), Radboud Universiteit – Nijmegen en de  Universiteit Utrecht
* s.g.l.v.g. = sterk gedragsgestoord licht verstandelijk gehandicapt
* l.v.g. = licht verstandelijk gehandicapt